4 – 16 augustus 2010
In herinnering bleef een reis met als eerste blauwe leidraad de Donau, met drie totaal verregende dagen in het begin in de verrassend mooie Beierse stad aan de Donau, Regensburg. Vandaar uit vervolgden we onze slow travel per trein via Passau en Linz tot ons bloedhete verblijfsadres voor een week in Boedapest tussen 7-14 augustus. Terug gunden we ons ook nog wat extra tijd in Berlijn: in de Duitse hoofdstad viel destijds voor ons wel altijd iets te regelen en te beleven.
1e etappe: Regensburg, 4-7 augustus
Om 8.30 uur vertrokken we op Texel om 13 uur later in Regensburg te arriveren. Ons hotel hadden we gelukkig op zichtafstand van het station gereserveerd, zodat we een half uur later al nieuwsgierig de fraaie, UNESCO-werelderfgoed binnenstad van Regensburg konden gaan verkennen. Beetje te opgeknapt misschien, veel immens grote, stadspaleisachtige gebouwen, veel kerken en een heel opvallende kathedraal. Maar vooral: de stad ligt schitterend aan de hier nog snel stromende Donau met haar beddingen en natuurrijke eilanden in de rivier.





En dat zorgt ook voor een heerlijke oude brug met magnifieke uitzichten op de stad, romantische kaden langs de rivier. Beetje eng, al die drinkende jongeren op de kade langs de snelstromende rivier vol kolken! In een lommerrijke, grote Biergarten gingen wij, minder gevaarlijk, een ‘klein biertje’ (1/2 liter) drinken en van het uitzicht en de sfeer genieten. Rustig en goed geslapen in een kamer naar achteren, een ruime binnenhof.
5 augustus: 6 van de 9 uur die we rondwandelden of ergens binnen pauzeerden, regende het, maar nooit hevig gelukkig. En gelukkig heeft Regensburg veel interessante kerken, musea, cafe’s, restaurants e.d. Dus veel moois en interessants gezien: het blijft een indrukwekkende stad, werkelijk heerlijk gelegen!












6 augustus: Het wordt saai voor de lezer, dag twee in Regensburg werd eveneens een overwegend verregende dag en het programma was een variatie op het thema van gisteren…
Op weg naar Boedapest
Zaterdag 7 augustus vertrokken we tegen 9.30 uur via Passau, waar we de Duits-Oostenrijkse grens passeerden, Linz (overstappen), Wenen naar Boedapest, waar we stipt, zoals gepland tegen 16.50 uur arriveerden. Beetje pech hadden we nog aan het eind van de reis waar we naast en tegenover een verstokte revanchist, een ‘Vertriebene’ uit Transsylvanië zaten. Tragische levens vaak, maar toch ook erg onaangename, ongewenste praatjes. Op het station in Boedapest lukte het ons gauw forinten te wisselen, metrokaartjes te kopen en ook een ongelofelijk groot appartement was snel geregeld. De eigenaar liep ons al op straat tegemoet, legde ons het nodige uit, wij betaalden een zeer redelijke prijs voor een mooie woning in de ‘regeringswijk’ in een burgerlijk huis uit de tijd van de vorige eeuwwisseling.




Tussen 18 – 22 uur zijn we nog wel een kilometer of 5-6 op verkenning gegaan van onze nabije woonomgeving – daar hoorde zelfs het prachtige parlementsgebouw langs de Donau bij – maar we konden het ook niet laten om over de eerste brug, de ”Kettingbrug” naar het stadsdeel Buda aan de overkant te lopen en weer terug over de volgende brug… Met nog wat boodschappen kwamen we moe maar ook zeer onder de indruk ’thuis’.
8 augustus: Na voldoende slaap en een zondags ontbijt, hebben we buiten eerst maar eens twee weekkaarten voor het OV gekocht. Schept zoveel rust en bewegingsvrijheid. En dan genieten wij van een wandeling vanuit ons stadsdeel Pest naar en door het kleinere maar rijkere stadsdeel van Boedapest, Boeda, met zijn grappige funicular, de boeiende, drukbezochte Burchtheuvel, zijn vele stedelijke groen, de heerlijke uitzichten etc.














9 augustus werd een mooie lange wandeldag tot we er echt te moe voor werden. Wij begonnen natuurlijk met een koffie op een mooi terras van een echt café. Volgden een bezoek aan de grote markthal van Boedapest, straten vol statige huizen tot we bij de Sint-Stephanus basiliek arriveerden (De basiliek is gewijd aan de heilige koning Stephanus, wiens rechterhand als griezelige relikwie in de basiliek wordt bewaard…).








Een indrukwekkend groot gebouw maar ook opvallend jong voor een grootse kathedraal (gebouwd tussen 1851 – 1905). Aansluitend bereikten we dan de Joodse wijk – Erzsébetváros – volgens velen de mooiste wijk van de Hongaarse hoofdstad. Inderdaad een heel levendige, boeiende wijk in opvallende transitie.





Lunchen deden we in de omgeving van een mooi plein, het Franz Lisztplein (Liszt ference tér). Volgde vooral nog een bezoek aan de grootste synagoge van Europa, de Dohánystraat Synagoge, en een memorabel moment in het park van de Grote Synagoge, het monument ter herdenking aan de Holocaust.








5 – 8. Het Holocaust monument in het park vlakbij de Grote synagoge.
Vandaar zetten we onze wandeling voort door mooie straten, over mooie pleinen en door parken en plantsoenen tot we ons riant tijdelijk thuis weer bereikten. In het park aan het einde van de lange wandeling hebben we uitgebreid gepauzeerd en van de zuidelijke sferen genoten. Het wordt met de dag heter!


10 augustus: Na een prima ontbijt thuis zijn we aan het mooie Szabadságplein (Plein van de Vrijheid), het hart van het historische Boedapest, koffie gaan drinken op een terras in de schaduw van weelderige oleander. Vandaar wandelden we naar een volgend plein, het Vigadóplein (Plein van vermaak). Een historisch en levendig plein, met groot fontein en beelden, met zijn schitterende concertgebouw Pesti Vigadó, direct aan de oostoever van de Donau. Het plein grenst aan de beroemde Donaukade en -promenade, de ideale plek voor een ontspannen wandeling met uitzicht op de Burcht van Boeda en de Vrijheidsbrug. En het vertrekpunt voor rondvaartbootjes op de Donau, naar b.v. de Donauknie, is vlakbij.






Maar wij stapten over op de metro, de oudste metro van het continent, naar het Varosligetpark, “een ontspanningsoord voor alle lagen van de bevolking”. Daar bezochten we een absurd, sprookjesachtig badhuis/zwembad en een veel te groot




Museum voor schone Kunsten met veel te veel ‘oude meesters’. Een dierentuin, botanische tuin en circus, en een 19e-eeuwse namaak-burcht resp. een attractiepark bevonden zich ook nog in het 1 km² grote park. Vermaak genoeg voor een extra-vakantie! We bleven verstandig, gingen niet op het hele aanbod in – te moe, te heet, te ongezond.
11 augustus: Marianne wordt 58!! Heerlijk weer, ontbijt zo goed mogelijk met o.m. verse perziken en een mooi, op Texel gekocht boek: De Meeuw van Sandór Márai (hier had Willy over gelezen in een boek van een Nederlandse Hongaar die er laaiend over was…). Na ruim drie dagen intensieve kennismaking met een fraaie, maar ook overweldigende stad, hadden we beiden behoefte aan een mooie dag buiten de miljoenenstad. Per trein reisden wij door heuvelachtige, groene weelde, vaak aandoenlijk ouderwets en rommelig naar Esztergom, een stadje van 30.000 inwoners, gelegen in de befaamde Donauknie (scherpe bocht van 90% in de rivier, 75 km ten noorden van Boedapest). Tevens episcopaat van Hongarije met een zelfs buiten Hongarije beroemde koepelkerk.



En die reusachtige koepelkerk, uiteraard gelegen op de hoogste heuvel, domineert het hele stadje hoogst onbescheiden. Esztergom vonden we daarentegen gelijk wel aardig, bescheiden mooi zelfs. En toevallig was er ook een gezellige markt in de kleine straatjes en pleinen onder de dominante koepelkerk.








We kochten nog acaciahoning en daarna toonden we karakter en klommen – 35°C. – de heuvel met kathedraal als beloning naar boven. Smaragdhagedissen, weerschijnvlinders en een slakkenplaag waren de beloning onderweg. Af en toe even zitten op muurtjes zorgde voor steeds prachtigere uitzichten over de geweldige rivier die beneden stroomde. Van een aardige Hongaar – ouderen van boven de 50 kunnen hier nog vaak best goed Duits – kochten we kaartjes voor een boottocht terug. Aan de andere kant van de Donau wees hij ons nog Sturovo (in Slowakije) aan, hier verbonden met Hongarije door een mooie stalen brug. Waren we anders zeker naar toe gewandeld, maar met die hitte…



We bekeken nog wel – het was er ook koeler – uitgebreid de kleine kathedraal, fotografeerden binnen en buiten nog wat, maakten gebruik van een van de terrasjes in het stadje en genoten dan 3,5 uur op een flinke boot naar Boedapest van de relatieve koelte op die heerlijke rivier: langs prachtige heuvels, een en al groen, kleine dorpen, en een fantastisch gelegen vesting, Visegrád.








Om 20 uur waren we weer terug in Boedapest, wandelden door het drukke uitgangsleven van de grote stad, heel kleurrijk, veel jeugd. Bij de mooie fontein/bedriegertjes op het Szabadságplein lang gezeten en in alle rust van het ’toneel’ genoten.


12 augustus: Een spannende, wederom hete – 37°C – dag, die we vooral zoveel mogelijk in de schaduw en op de ‘hoogste hoogtes’ verbleven: met bussen, trams, ‘kindertrein’ en stoeltjeslift tuften we tot ruim 500 m hoogte. Op de hoogste berg in het ruime stadsgebied van Boedapest, deJánoshegy (Johannesberg) beklommen we een uitzichttoren, en wandelden daar een stukje door fraaie hellingbossen.





Weelderige natuur en mooie uitzichten







Met behulp van het openbaar vervoer reisden we verder naar de Géllert-hegy (Géllertheuvel) en bereikten naar een korte klim een citadel met vooral ook schitterend uitzicht over de Donau en de stad Boedapest. Terug liepen we via trappen naar beneden.








Tussen 18.30-19.30 uur genoten we nog van schaduwplekjes, pleintjes, terrasjes maar vooral van het intieme terrasje van het Károlyparkje, ‘ons parkje’. Met een koud biertje en de ontspannen sfeer om ons heen ontspanden we van de inspanningen in ‘hogere sferen’ (niet alleen de uitzichten, maar ook de natuur op de beide heuvels was verrassend fraai).
13 augustus was een vrijdag; een mooie, hete dag, weer boven de 35°C., dus per boot over de Donau, opwaarts richting Szentendre.




Volgens gidsen een van de mooiste stadjes van Hongarije, Servisch van oorsprong (nog steeds tweetalig en b.v. ook met een orthodox-christelijke kerk). Schijnbaar lange tijd verwaarloosd en dan, zoals zo vaak, opgeknapt door kunstenaars en ander ondernemend-creatief volk. Te toeristisch ondertussen, maar nog steeds mooi en vooral prachtig gelegen langs de Donau, tegen de heuvels aan.
















We wandelden van parkje en plantsoen naar terras, schaduw zoekend onder losse bomen en lanen. Een kerk en een schaduwrijk kerkhof waren er natuurlijk ook, lekker koel! Terug reisden we in een veel te heet treintje: alle ramen open en toch… We deden ’thuis’ de laatste boodschappen, aten licht en zomers en sloten af met een allerlaatste rondje Boedapest by night. Erg mooi!! Rond middernacht volgde nog een natuurlijk vuurwerk – maar dat enorme onweer zorgde ook maar voor weinig afkoeling.
Even een omweg langs Berlijn
14 augustus: Al vroeg verlieten we ons mooie appartement voor een heel lange, vermoeiende en hete reis per trein door Midden-Europa. Via Vác (grens Hongarije), Štúrovo, Bratislava (Slowakije), Brno, Praag, Děčín (Tsjechië), Dresden naar Berlijn. Bloedheet in de trein en dan viel in Slowakije ook nog de airconditioning uit en liepen we 90-100 minuten vertraging op. Spannend zo’n lange reis vol drukke treinen (Oost-Europa trok toen heel veel jonge toeristen, vooral Zuid-Europeanen): het lukte ons nog net voor middernacht in de Duitse hoofdstad op bed te liggen. Goed geslapen, dat wel!





Zondag 15 augustus: Mooi ontbijt in mooie ruimte. Dan een lange, fraaie wandeling door Kreuzberg richting Mitte, langs de Spree en het Museumeiland, maar ook door veel groene binnenhoven en -zones. Altijd weer mooi , struinen door Berlijn.







Lekkere lunch in “Edelweiss”, de Szene-kroeg in het Görlitzerpark. Tegen de avond eindelijk wat druppels, maar het bleef broeiend warm. Bijna vergeten: ook nog een bier gedronken in hostel City Stay bij Hackescher Markt, waar we in de herfst met een grote groep van het netwerk Springzaad zouden verblijven. Prima, frisse, gezellige hostelsfeer.





Maandag 16 augustus zou dan ook weer een vrij lange trein- en een afsluitende korte bus- en bootreis naar Texel worden. Tussen Deventer en Apeldoorn stapte (schoon)zus Sjakkelien ‘even’ in onze trein om ons de huisdeursleutel terug te geven en even bij te praten.