31 oktober t/m 6 november 2022
Met Keulen verbindt mij, Willy, toch iets heel bijzonders: 1 maart 1953 werd ik er – weliswaar in de periferie, in het uiterste noorden van de op 3 na grootste stad van Duitsland – geboren. Maar voor ik goed en wel kon lopen verhuisden mijn ouders al naar een kleine buurstad, Dormagen. Daar bezochten we regelmatig onze (schoon-)familie en Keulen bleef die grote nabije stad die we later vooral goed kenden van zijn grote overstapstation, de spoorbrug over de Rijn met het magnifieke uitzicht op de Dom, de Rijnoeverpromenade en incidentele bezoekjes bij overige familieleden.








Ach, en verder ga je niet zo gauw de toerist spelen in je geboortestad. Overnachtingen in Keulen konden we zodoende beiden op de vingers van een hand aftellen en het duurde decennia voor het ons eindelijk lukte eens langer dan enkele uren tot maximaal een weekeindje voor een uitgebreidere verkenning van Keulen te reserveren. Het zou tot begin november 2022 duren voor we aan het einde van een 18 dagen durende reis naar het Zuiden eindelijk een weekje in Keulen neerstreken.
31 oktober 2022 arriveerden we rond 21 uur – na een enerverende treinreis vanuit Zwitserland door het Rijndal – verrassend op tijd in de Gutenbergstraat in het Keulse ‘Szeneviertel’ (hippe, trendy wijk) Ehrenfeld. Christoph, een aardige man met een zuid-Duitse tongval begroette ons vriendelijk in zijn piepkleine, maar wel goed en slim ingerichte woning.





Zijn dochter en kleinkinderen woonden in Keulen en hij verdeelde zijn leven met reizen en wonen tussen Keulen en Mannheim, waar hij zelf woonde en werkte. Zijn introductie bleef verder kort omdat hij dezelfde avond nog graag naar Mannheim terug wilde reizen. Ons lukte het nog om bij een REWE supermarkt vlakbij voldoende voor een snelle avondmaaltijd en ontbijt te kopen en ons gezellig in te richten voor een weekje. 0.30 uur rondden we heel tevreden een lange reisdag in een nieuwe tijdelijke woning af.
1 november: Allerheiligen, maar geen grijs-herfstig weer, zoals zo vaak in ons leven. De zon scheen, het was droog, je kon nog buiten in de zon zitten op het balkon en op terrassen. Laatste keer dit jaar?!? Zo gedroeg ‘heel Keulen’ zich buiten wel. Na het ontbijt stortten we ons dus in het buurt- en wijkleven van Ehrenfeld.




In het aarts-katholieke Keulen waren gelukkig niet alle openbare gebouwen, winkels etc. dicht. Het eerste gebouw dat we van binnen en buiten bewonderden was de recent gerealiseerde Centrale Moskee van Keulen wiens opvallende architectuur een van de nieuwe iconen en trekpleisters van de stad is. Er heerste een open, vriendelijke sfeer naar buitenstaanders toe. We werden aangemoedigd toch rustig overal te kijken, foto’s mochten ook overal genomen worden.








Na deze indrukwekkende opstart van ons weekje Keulen bezochten we vervolgens de levensader van het stadsdeel, de lange Venloer Strasse: ook al waren alle winkels gesloten, bleef het toch aangenaam door deze kleurrijke, multiculturele wijk te wandelen. Op een plein bewonderden wij de Städtische Badeanstalt – een Jugendstilgebouw, ooit openbaar badhuis, nu sauna en spa – en de katholieke kerk St. Jozef (een levendige, creatieve parochie) van binnen. Ook hier hing een aangename, gastvrije sfeer. Voor een lekkere lunch gingen we even naar ons tijdelijk thuis met thee op het zonnige balkon!










Na de lunch, tussen 13.30 en 16.30 uur, slenterden we nog eens drie uur door de groene randen van de wijk. Wij begonnen met een bezoek aan de grootste en meest befaamde begraafplaats van Keulen, Melaten. Tenslotte was het Allerheiligen en dan gaan Duitsers traditioneel op bezoek bij hun overleden familieleden en vrienden. We liepen over een van de hoofdassen maar ook door kleinere verbindingswegen met wonderlijk veel, deels pompeuze graven, zagen dat velen met ons gewoon door het park wandelden om van het lommerrijke groen, het weer en de sfeer en elkaar – ons kent ons – te genieten.







Het herfstige groen sprak ons wel aan en dus wandelden we verder langs de Aachener Weiher, een groengordel met veel bezoekers en gebruikers, langs de voet van de Televisietoren van Keulen weer de wijk Ehrenfeld in. Deze keer was het het drukke “Belgisches Viertel”, een van de hippe wijken van Keulen. Verhoudingsgewijs zie je hier veel mooie Jugendstil- en andere Gründerzeitgebouwen, eerder 4-5 verdiepingen hoog, statiger dan in de oude kern van Ehrenfeld.





Hier heeft de 2. Wereldoorlog minder dramatisch toegeslagen dan in de rest van Keulen. De Brüsseler Platz, een mooi groen kerkplein hebben we nader bekeken en beleefd. Bij een Spaanse bakker namen we nog twee pastel de nata’s mee voor thuis bij de “Duitse koffie” (16 uur). Even vieren, dat de eerste dag in Keulen een succes was!
2 november: Voor vandaag stond een bezoek aan Willy’s geboortedorpje Worringen, maar dan vooral de hem nauwelijks bekende natuur op het programma: een wandeling door het Worringer Bruch, een natuurgebied met moerasbos tot de uiterwaarden van de Rijn richting Köln-Langel en in een boog weer terug naar het station van Worringen. In zijn jeugd heeft Willy dit gebied niet of nauwelijks bezocht, ook al lag het dan op korte loopafstand van zijn geboortegrond. Goed voorbereid met boterhammen, fruit en water naar de tram, 4 haltes tot Keulen CS, dan 9 haltes tot Worringen met de S-Bahn. Tegen 11.15 uur stapten we uit de trein en na een heel korte wandeling liepen we al op het dijkje een hoefijzervormig, vochtig, ruig Millingerwaard-achtig bos in. Prachtige groene, natuurrijke sfeer met gigantische populieren, essen en eiken (op hogere plekken), maar ook elzen, hazelaars en vlier (van vitaal tot afstervend), zeeën van mooie (ja!) brandnetelvelden, doorvlochten met bramen en hop: een vochtige, voedselrijke weelde, verrassend en heel mooi!







Tegen het dorp aan sloten kleine, informele landjes van vrijzinnige volkstuinders (Schreberkolonie) harmonieus aan. Even het natuurgebied uit, Willy’s geboortestraat, de Alte Neusser Landstrasse passerend; de Langelerweg in om dan onder de B9 door langs natuurlijke graslanden (v.m. bouw- en weiland) tot een uiterwaardenzone te lopen die door ruige koeien beheerd werd om voorlopig op de stenig, zandige strandjes van de Rijn te belanden en verbouwereerd om ons heen te kijken. Richting Dormagen, stroomafwaards, het waanzinnige panorama van de farmaceutische reus BAYER (heet nu anders) en de EC (aardolieraffinaderij).



Richting binnenstad van Köln, tot halverwege Langel wandelden we dan door renatureerde weilanden in een grote boog om een kudde koeien met een heuse stier… Via een veldweg weer terug naar de andere helft van het hoefijzer, over de B9 (Bundesstrasse 9). Ook nog even een foto gemaakt van het oude truckers café langs de B9: stond op afbraak te wachten… De laatste eigenaar, Gölmöz, bleek het ook niet meer gered te hebben.





Bleef de verre herinnering dat Willy hier, in de late jaren ’50, begin ’60 met de mannen van zijn familie – thuis nog geen tv – voetbal ging kijken.
De tweede helft van de wandeling door het Worringer Bruch was alleen toegestaan langs het pad: dit hele bosgedeelte werd tot streng beschermd Naturwald (natuurbos) verklaard. We konden er goed mee leven, hadden veel begrip voor dit ingeperkte stukje stadsnatuur als veilig refugium voor plant en dier.



Tegen 15 uur kwamen we terug op het station en een drie kwartier later op Köln Hauptbahnhof. Nog tijd genoeg voor een mooie, korte wandeling van de Dom (in Keulen direct naast het centraal station) langs de Rijnoever tot de eveneens indrukwekkende kerk Groot- St. Martin, een van de 12 Romaanse kerken in Keulen. Bijgebleven is ons naast het unieke silhouet van de buitenkant en het schip vooral de crypte: hier vinden missen plaats tussen het vrij gelegde fundament van Romeinse gebouwen uit de derde eeuw! Hierop is de kerk dan verder opgebouwd: 17-18 eeuwen historie, het voelde heel bijzonder. Op de nabije Heumarkt gunden we ons bij een van de vele Keulse Italiaanse café’s koffie, thee en petit fours.








3 november: Gewoon nog in het ritme van de zomertijd waren we al vroeg klaar voor een volgende reisdag. Even nog een tweede ronde koffie, Marianne lukte het een app van de KVB (Keulse vervoersbedrijf) te installeren om dan samen met tram 5 tot de Friesenplatz en vandaar met de metro nr. 12 naar Zollstock aan de zuidelijke stadsrand van Keulen, eindhalte Südfriedhof, te reizen. Langs deze begraafplaats – heel groot met heel veel soldatengraven – wandelden wij een mooie wijk in met veel kleuren, mooie voortuinen etc. Laagbouw, max. 2 woonlagen hoog. Een voorbeeld van een mooie arbeiderswijk, nu geliefd bij rust- en natuurzoekers (“Familienfreundlich”, nabije groene stadsrand).


Achter deze wijk, omzoomd door spooremplacement en begraafplaats bevindt zich een soort Ruigoord, die Indianersiedlung, van allerlei zelfbouw, wilde tuinen, woonwagens en landjes. Vrijheid, blijheid, al bijna 100 jaar! Boeiend om al die tijd, die menselijke creativiteit, maar ook het (sociale) onvermogen te zien. Heel dynamisch, maar ook altijd bedreigd. Een soort vrije ruimte waarvan Louis Le Roy altijd 1 % voor elke stad eiste. Wij zijn benieuwd of zij de druk van de woningbouwvereniging als buurman met keurige wooneenheden kunnen weerstaan cq. overleven!










Lopend en per tram terug naar Ehrenfeld voor een lekkere lunch. Daarna een minder geslaagde namiddag in het centrum van de stad: de koffie, thee en iets lekkers bij ‘Barista’ op de Rudolphplatz beviel nog uitstekend, maar daarna werd het ‘paraplu-tijd’: een mooie (voedsel)markt aldaar viel een beetje treurig in het water, de Römerturm was in restauratie en de binnenruimte van de oudste van de Romaanse kerken in Keulen, St. Gereon leek open, maar bleek vanwege het stemmen van het orgel toch gesloten voor publiek. Dubbel pech!




Een aperitiefje en later een lekkere bietenrisotto met veldsla zorgden al gauw weer voor een betere stemming. Eén besluit namen we al wel: wij gaan ons in de resterende 3 dagen vooral concentreren op de Romaanse kerken in Keulen (naast familiaire verplichtingen). Want die vind je nergens meer zo indrukwekkend buiten Italië dan hier.
4 november: De ochtend was gereserveerd voor familieaangelegenheden, in de namiddag tussen 13.45 – 17.15 uur wilden we wandelend graag (weer) de highlights van het oude centrum van Keulen bekijken. Wij startten uiteraard bij de Dom van Keulen, het gigantische bouwwerk waarvan we vooral het ongelofelijke kathedrale geduld (ruim 600 jaar!) van de Keulenaren bij de voleinding van het uiteindelijke werelderfgoed bewonderen. Waar je ook kijkt, in de Dom, buiten rondom, maar ook regelmatig in de stad tot aan de rand van deze zeer grote stad: overal kun je de dom niet missen. En Keulenaren – Willy heeft er toch aardig wat leren kennen – zijn verschrikkelijk gehecht aan het beeld van de Dom en krijgen tranen in hun ogen bij thuiskomst. Dat kennen we beiden niet, wat niet wil zeggen dat het gebouw je koud laat. Na de Dom keken we met meer nieuwsgierigheid naar twee oude Romaanse kerken, Maria im Capitol en St. Andreas








maar ook vlak bij het station, Maria Hemelvaart, een jongere (voltooid in 1629), kleurrijke barokke kerk, die actueel vooral gebruikt wordt voor missen van de Italiaanse gemeenschap in Keulen (ca. 18.000 wonen er in Keulen).


Twee bouwwerken in de nieuwe, oude binnenstad zijn ons nog bijgebleven (naast het feit dat het heel druk in de stad was): het historische raadhuis en directe omgeving met veel bouwputten en het moderne, indrukwekkende museum Kolumba van kerkelijke kunst, gebouwd op oeroude fundamenten van de vm. Sint-Columbakerk. De contrasten tussen oud en nieuw zijn hier heel duidelijk, vaak pijnlijk te beleven. Tijdens ons bezoek in november, miezerregen, veel verkeer en bouwputten, werd (verborgen) schoonheid te vaak afgewisseld door (tijdelijk) afgrijzen. Juist die omgeving van Keulen verdient nog eens extra aandacht met minder bouwactiviteiten en renovaties; maar misschien is dat wel een vergeefse hoop in het leven wat ons nog rest. In een mooie winkel tegenover Museum Kolumba, Manufactum Warenhaus, vonden we afrondend nog wel wat leuke cadeautjes voor ons familiebezoek overmorgen.






Terug naar ‘huis’ lukte het ons gelukkig wel een zitplaats in een overvolle tram te bemachtigen.
Zaterdag 5 november: Een dag met veel zon, wel wat fris met 10 C. De Romaanse kerken bleven ons trekken, deze ochtend was dat St. Gereon waar we 3 november al vergeefs probeerden binnen te komen. Ook dit gebouw was weer boeiend van binnen en buiten. Heel oud, met een heel eigen sfeer; uitnodigend om na een rondgang even te gaan zitten en over de geschiedenis en highlights te lezen.







Wij bleven er tot tegen 11 uur voor we vertrokken naar de wijk Nippes (alleen die naam al): druk, levendig en met veel winkels, restaurants en kroegen, multicultureel, tijd voor een koffie en gebakje bij de Franse patisserie Épi. Van daar naar de Wilhelmsplatz, waar een zeer drukke, kleurrijke, betaalbare markt met een internationale uitstraling – maar ook, hoorbaar, voor Keulenaren – ons verraste: zowel Nippes als ook de markt overtroffen onze verwachtingen ruimschoots. Via een groengordel en park wandelden we terug naar Ehrenfeld voor een lunch ’thuis’. Onderweg passeerden we een freaky project van kunstenaars, Odonien. Die Freistaat für Kunst und Kultur, bleek gesloten, maar leek uit de verte al heel verleidelijk… wie weet komen we hier ooit nog eens terug!





Tussen 13.30 – 17 uur gingen we weer, welgemoed op stap naar de binnenstad: naar het centraal station, over de nabije, legendarische Hohenzollernbrücke, een enorm drukke spoorbrug met een zeer brede voetgangersweg en een heerlijk uitzicht over de Rijn, en wel beide oevers én de stroom voetgangers. Ook uniek door de hoeveelheid: een ruim vierhonderd meter lang hekwerk naar het drukke treinverkeer toe, volgehangen met sloten en slotjes, echt te gek.



Eenmaal aan de overkant bereik je al gauw het volgende hoogtepunt wat uitzichten betreft: de KölnTriangle, een 103 meter hoge, 29 verdiepingen tellende kantoortoren met een prachtig uitzichtplatform (400 m²) waar je gevaarloos in alle vier windrichtingen 360° in het rond van de stadspanorama’s kunt genieten. Hier kun je in alle rust (veel ruimte) elk stukje stad in je opnemen, op zoek gaan naar herkenningspunten etc. Voor 5 euro zoeft een lift met een flinke groep mensen in no time naar boven. Héél erg aan te bevelen!


Weer beneden wandelden we langs de Rijnoevers en -tribune tot de volgende van de in totaal 7 Keulse Rijnbruggen, een brug voor auto’s, trams, voetgangers en fietsers. In de buurt van die brug was een reuze kermisterrein opgebouwd dat ons minder aantrok dan de overkant met b.v. het Schokoladenmuseum die je al lang vanaf de overkant als markant gebouw ziet opdoemen. Voor wie alles over chocolade etc. wil weten -en meer- een droomoord.



Wij konden het niet laten nog eens 2 Romaanse kerken, St. Kunibert – groot, mooi maar niet zo exceptioneel dan eerdere kerken en St. Ursula – te bezoeken. Deze laatste en 6e Romaanse kerk die we bezochten, bleek een prachtige afsluiting met veel verrassingen en herkenningen (de gids herkende Willy uit een eerdere kerk, St. Gereon). Wat een rijkdom heeft de stad Keulen toch weer opgebouwd in 2000 jaar geschiedenis en hoeveel toch nog gered, gerenoveerd resp. herbouwd nadat 90% van de binnenstad in WO II. vernield werd.






In een overvolle metro reden we na het kerkbezoek terug tot de Gutenbergstrasse, ‘onze’ metrohalte.
Zondag 6 november: Ter afronding van ons weekje Keulen ontmoetten we nog een deel van Willy’s familie in Köln-Poll, een vm. rivierdorpje aan de rechter Rijnoever. Astrid en Ralf, Marie en Felix (dochter, schoonzoon en kleinkinderen van Marie-Therese, Willy’s oudste zus) hadden ons, twee van de drie zussen en een zwager van Willy uitgenodigd. Wij werden verwend met een uitstekend verzorgde brunch en een middagbuffet, praatten bij in familiaire kring en vonden tussendoor ook nog de tijd om even een leuke wandeling door het dorp en langs de Rijn te maken.



Nog een ronde thee, koffie en gebak en wij namen in de late namiddag afscheid van de familie en van Keulen.